Poep- en plasfase: waarom onderbroekenlol nuttig is

Poep- en plasfase: waarom onderbroekenlol nuttig is

‘Wat eten we, mama? Poepsoep en scheetjesvla?!’ De vieze woorden-periode begint als je kind een jaar of 3 is. Straf het niet meteen af, want die onderbroekenlol heeft een functie.

Poep- en plasfase

In het vieze-woorden tijdperk, die meestal in meer of mindere mate van 3 tot 8 jaar duurt, vliegen de broodjes poep en liedjes met ‘poeperdeplas’ je om de oren. Hilarisch vindt je peuter dat. Maar wat is er zo grappig aan het noemen van poep en plas? ‘Dat kunnen alleen peuters en kleuters uitleggen,’ zegt kinderpsycholoog Tamar de Vos van Opvoedadvies.nl, ‘maar het heeft overduidelijk te maken met grenzen zoeken.’

Leren aanvoelen

‘Peuters zoeken grenzen op alle vlakken en dit is niet anders. Ze hebben door dat het eigenlijk niet zulke nette woorden zijn, dus ze willen vooral kijken hoe papa en mama – en vriendjes, de juf, mensen op straat – hierop reageren en hoe ver ze kunnen gaan. En het is redelijk veilig, want hoewel ouders het misschien niet fijn vinden, zullen ze er meestal ook niet heel boos om worden.’

Deze fase begint meestal als kinderen een jaar of 2,5 à 3 zijn en hangt in veel gevallen samen met zindelijk worden, weet De Vos. ‘Gesprekken gaan dan natuurlijk vaak over poepen en plassen en we staan met z’n allen te juichen als er iets in het potje belandt. Een kind heeft dan ook snel door dat het blijkbaar iets is wat aandacht oplevert. Aan de andere kant is het ook verwarrend, want waarom krijgen ze applaus als ze op het potje plassen, maar wordt het niet goed gevonden als ze tijdens het eten zeggen dat mama’s gehaktballen op drollen lijken? Dat onderscheid moeten ze echt leren aanvoelen.’

Lekker stout

Toch zijn er genoeg zindelijke kinderen die reuze lol hebben in poep- en plasgrappen. Er zijn dan ook nog meer factoren die een rol spelen. Zoals televisie, zegt pedagoog Krista Okma. ‘Het bekendste voorbeeld is er eentje uit onze eigen jeugd. Want wie lag er niet dubbel als Ome Willem vroeg om een broodje poep?’ Ook oudere broers en zussen en klasgenootjes kunnen het in gang zetten.

Grenzen testen

Tamar de Vos legt uit: ‘Een jonge peuter zit nog in zijn eigen bubbel, denkt alleen aan zichzelf. Vanaf een jaar of 3 gaan ze meer om zich heen kijken en komt er meer interactie met leeftijdsgenootjes. Ze gaan dan ook kijken wie het meeste durft en wie het stoerst kan doen. Daar is dit een perfect onderwerp voor. Want waar de één heel brutaal naar een volwassene kan lopen om te zeggen dat hij een poephoofd heeft, wordt de ander bij het idee alleen al knalrood. Ook zo zijn ze dus hun eigen grenzen aan het testen. Verder is het natuurlijk ook gewoon heel leuk om samen een beetje stout te zijn.’

Wat kun je eraan doen?

  1. Negeer het
    Als je aan een tafel vol peuters met de slappe lach zit, kan het knap lastig zijn om daar niet aan mee te doen. Toch kun je beter proberen je gezicht in de plooi te houden als je wilt dat het stopt. Okma: ‘Ze willen een reactie ontlokken. Dat kan lachen zijn, maar ook boos worden. Beide reacties stimuleren om het te blijven doen. Alleen als je het negeert, is de lol er snel af.’
  2. Ik doe niet mee
    Als negeren niet helpt, kun je volgens De Vos ook tegen je kind zeggen dat je stopt met wat jullie samen aan het doen zijn omdat je het zo niet leuk vindt om naar vieze woorden te luisteren. Of dat hij die vieze woorden dan maar even op zijn kamer moet gaan zeggen, omdat je ze niet in de woonkamer wilt horen. ‘Dan zijn ze er ook wel snel klaar mee.’
  3. Zet de wekker
    Okma raadt aan om het met humor te benaderen. ‘Pak een kookwekker en daag ze uit. Zeg: “En nu gaan we 5 minuten lang alleen maar vieze woorden zeggen.” Je zult zien dat ze na 3 minuten niets meer weten.’

Trek samen één lijn

Ouders moeten hierbij wel één lijn trekken… en daar wil het nog wel eens mis gaan. Okma: ‘Soms verschillen vaders en moeders in hoe ze met het onderwerp omgaan. Dan is het volgens mama vies, maar vindt papa het hilarisch. Je kunt dan het beste op een rustig moment afspreken tot hoever je wilt gaan en je daar allebei aan houden.’

Het is een fase

Het goede nieuws is dat de viezewoordenfase overgaat als kinderen een jaar of 5, 6 zijn. Het slechte nieuws is dat het vaak vervangen wordt voor scheldwoorden. De Vos: ‘Maar dat is anders, dat komt voort uit frustratie. Ook is de ontvangst anders. Waar poep en pies niet netjes zijn, zijn scheldwoorden vaak echt kwetsend. Je moet je kind dan echt uitleggen wat deze woorden betekenen en waarom je dat niet kunt zeggen. Maar bij peuters geldt dat niet, die zijn daar nog niet mee bezig.’

WC-lectuur

Door boekjes te lezen over poep en plas kun je volgens pedagoog Krista Okma laten zien dat het heel normale dingen zijn. Dit zijn aanraders:

  • Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft – Werner Holzwarth
  • De poep- en piesprinses – Pimm van Hest
  • Overal poep in de dierentuin – Steve Smallman
  • Het grote poepconcours – Guido van Genechten